SNELHEID
ALGEMENE REGELS


.   Deze pagina is volgens de wetgeving in BELGIE 
  Voor de wetgeving in NEDERLAND: KLIK


Goed om weten:

Snelheid.

Op de openbare weg moet iedere bestuurder met aangepaste snelheid rijden. Dit wil zeggen dat hij de snelheid waarmee hij rijdt zo moet regelen, dat hij altijd op tijd moet kunnen stoppen.
In het verkeersreglement staan een reeks bepalingen over de maximaal toegelaten snelheid op openbare wegen en snelheidsbeperkingen. Deze reglementen perfect naleven is echter onvoldoende. Elke bestuurder moet daarenboven ook rekening houden met de weersomstandigheden, de staat van het wegdek, de toestand en de aard van de lading van zijn voertuig, met de drukte op de weg en met tal van onvoorziene hindernissen die kunnen opduiken. Daarenboven is het mogelijk dat je in een zone komt waar veel zwakke weggebruikers vertoeven.

Snelheid en stoppen.
Bij iedere snelheid die je rijdt is de afstand waarna je stil komt te staan de ene keer korter en de andere keer langer. Volgende oorzaken hebben hiermee te maken:
- Op welk soort wegdek rijd je? Is het een aardeweg, een geasfalteerd wegdek, fluisterasfalt, ligt er beton of bestaat het wegdek misschien uit klinkers?
- In welke staat is het wegdek? Is het nat of droog? Ligt er sneeuw, ijzel, zand of modder op het wegdek? Is het goed onderhouden of zijn er putten en verzakkingen? Zijn de wegmarkeringen goed zichtbaar of niet?
- Hoe zit het met de lading van het voertuig en het aantal passagiers. Een lege wagen zal immers vlugger kunnen stoppen dan een volle.



ALGEMENE REGELS

a. Elke bestuurder moet, rekening houdend met zijn snelheid, tussen zijn voertuig en zijn voorligger een voldoende
    veiligheidsafstand houden
.

b. Een bestuurder moet in alle omstandigheden kunnen stoppen voor een hindernis die kan worden voorzien.

c. Geen enkele bestuurder mag de normale gang van andere bestuurders hinderen door abnormaal traag te rijden
    wanneer daar geen geldige reden toe is, of door plots te remmen wanneer dit niet om veiligheidsredenen vereist is.

d. De bestuurder die de snelheid van zijn voertuig aanzienlijk wil verminderen, moet dit voornemen kenbaar maken door
    middel van de stoplichten wanneer het voertuig ervan voorzien is of, zoniet en indien mogelijk, door een teken met
    de arm.

e. Elke bestuurder moet vertragen wanneer hij trek-, last- en rijdieren of vee op de openbare weg nadert. Hij moet
    stoppen indien deze dieren tekenen van angst vertonen.

f.  Het is verboden een bestuurder aan te sporen of uit te dagen overdreven snel te rijden.





RIJBEWIJS

.
.
.
.


(c) Gratis Rijbewijs Online /
Voor een perfecte website hosting hebben wij gekozen voor website en e-mail hosting door COMBELL