Deze pagina is volgens de wetgeving in BELGIE
Voor de wetgeving in NEDERLAND:
KLIK
Wanneer
we met een auto rijden, voelen we ons vaak heer en meester op de rijbaan. Maar
er zijn ook zwakke weggebruikers waar we rekening moeten mee houden.
INHOUD:
WIE / WAT.
Fiets.
Bromfiets klasse A.
Bromfiets klasse B.
ALGEMENE REGELS EN MOGELIJKE OVERTREDINGEN
Fietspad.
Begin en einde fietspad.
Oversteekplaats voor fietsers.
Veiligheidsafstand.
Parkeren.
Suggestiestrook voor fietsers.
PERSONEN DIE AANWIJZINGEN KUNNEN GEVEN
Signaalgevers bij wielerwedstrijden.
Wegkapitein.
Wielerwedstrijd.
WIE EN WAT?
Vierwieler
1.
Rijwiel / Fiets.
Onder een rijwiel verstaat men een fiets, een
driewieler, een vierwieler, die door middel
van pedalen door één of meer van zijn berijders wordt voortbewogen
en niet met een motor is uitgerust.
Een niet-bereden fiets wordt niet als een voertuig beschouwd.
(Dus: op de fiets = bestuurder / Naast de fiets = voetganger)
De bevestiging van een aanhangwagen aan een rijwiel brengt geen wijziging
in de classificatie van dit voertuig.
2.
Bromfiets klasse A
Dit is een twee- of driewielig voertuig dat uitgerust is
met een motor van maximum 50 cc.
Het kan op een horizontale weg niet sneller rijden dan 25 km/uur.
Het heeft achteraan een geel plaatje.
Belangrijk:
. Valhelm is verplicht. (uitgezonderd postbodes tijdens dienst)
. Bestuurder minimum 16 jaar.
. Geen rijbewijs nodig.
3. Bromfiets klasse B
Twee- of meerwielig voertuig met een motor van maximum
50 cc.
Kan op een horizontale weg niet sneller rijden dan 45 km/uur.
Belangrijk:
. Een valhelm is verplicht op bromfietsen klasse B zonder passagiersruimte.
(uitgezonderd postbodes tijdens hun dienst)
. Rijbewijs A3 is verplicht als je geboren bent na 14 februari
1961.
. 16 jaar: minimum leeftijd om met een klasse B te mogen rijden.
. 18 jaar: als je een passagier vervoert.
REGELS WAARAAN FIETSERS EN BROMFIETSERS ZICH MOETEN HOUDEN
Ongetwijfeld behoren de fietsers en bromfietsers ook tot de zwakke weggebruikers.
Vandaar dat de wetgever speciale verkeersregels heeft gemaakt om hen te beschermen.
Toch zijn er ook een aantal regels waaraan zij zich moeten houden.
a. Fietsers en bromfietsers (klasse A) moeten, als er een fietspad
is, dit volgen.
Als fietsers de rijbaan volgen, mogen zij met twee naast elkaar rijden, behalve
wanneer het kruisen (v/d voertuigen)
niet mogelijk is, ook al zijn er op dat ogenblik geen voertuigen die elkaar willen kruisen.
Bromfietsers moeten altijd achter elkaar rijden.
b. Fietsers moeten achter elkaar rijden wanneer een aanhangwagen
aan een fiets gekoppeld is.
c. Buiten de bebouwde kom moeten fietsers achter elkaar rijden
bij het naderen van een achteropkomend voertuig.
d. Het is de fietsers en bromfietsers bovendien verboden te rijden:
. zonder het stuur vast te houden;
. zonder de voeten op de pedalen of op de voetsteunen te hebben;
. door zich te laten voorttrekken;
. terwijl zij een dier aan het leizeel houden.
ALGEMENE REGELS EN MOGELIJKE OVERTREDINGEN
Bestuurders mogen de meest kwetsbare weggebruikers niet in gevaar brengen,
met name fietsers en voetgangers, vooral als het gaat om kinderen, bejaarden of
personen met een handicap. Ze moeten hun snelheid aanpassen in aanwezigheid van
kwetsbare weggebruikers en moeten dubbel voorzichtig zijn op plaatsen waar ze
dergelijke weggebruikers kunnen ontmoeten.
1. Het fietspad.
Als de openbare weg een FIETSPAD heeft, moeten fietsers (en mogen drie-
en vierwielers zonder motor met maximale breedte 1 meter) en bromfietsers
klasse A hierop rijden. Deze regel is enkel van tel wanneer het rechts in
hun richting is gelegen of wanneer er één fietspad is, dat
voor de twee richtingen is aangeduid.
Op wegen waar een maximumsnelheid
geldt tot 50 km/uur (vb erf, zonde 30, bebouwde kom ...)
MOGEN bomfietsen klasse B op het fietspad
aangeduid door bord D7 of door wegmarkeringen rijden.
Op wegen waar de maximumsnelheid hoger is dan 50 km/uur
MOETEN bomfietsen klasse B op een fietspad
aangeduid door bord D7 of door wegmarkeingen rijden. op
voorwaarde dat zij de andere weggebruikers die er zich op
bevinden niet in gevaar brengen.
2. Begin en einde fietspad.
Het feit dat een fietser aan het einde van een fietspad zijn plaats op
de rijbaan weer inneemt, wordt niet als een manoeuvre beschouwd.
Stilstaan en parkeren zijn verboden op de rijbaan en de berm op minder
dan 5 meter van de plaats waar de fietsers en bestuurders van tweewielige
bromfietsen verplicht zijn het fietspad te verlaten om op de rijbaan te
rijden of de rijbaan te verlaten om op het fietspad te rijden.
3. Oversteekplaats voor fietsers.
Om het oversteken te vergemakkelijken zijn er op de openbare weg oversteekplaatsen
voor fietsers voorzien.
Bestuurders van een auto of motorfiets mogen deze oversteekplaats slechts
met aangepaste matige snelheid naderen, om de overstekende weggebruikers
die er zich op bevinden niet in gevaar te brengen.
Indien nodig moet voorrang gegeven worden en moet men stoppen.
Parkeren of stilstaan op een oversteekplaats voor fietsers en
tweewielige bromfietsen is verboden.
Wanneer een voertuig een oversteekplaats voor fietsers nadert (sinds 1/1/2004),
of er vertraagt of er stopt mag dit niet ingehaald worden.
Goed
om weten:
Mag ik mijn bromfiets op een fietspad parkeren?
- Wat zegt de wet? Art 24 K.B. 01/12/1975 zegt: "Het is verboden een
voertuig te laten stilstaan of te laten parkeren op elke
plaats waar het duidelijk een gevaar zou kunnen betekenen voor de andere
weggebruikers of waar het hun onnodig zou kunnen hinderen, inzonderheid:
op de trottoirs en, binnen de bebouwde kommen op de verhoogde bermen,
behoudens plaatselijke reglementering". Art 2.17. K.B. 01/12/1975 zegt: "... De niet-bereden
tweewielige bromfiets wordt niet als voertuig beschouwd".
Als een niet-bereden bromfiets geen voertuig is... dan telt de bovenstaande
regel dus niet.
Maar: Art 7.3. K.B. 01/12/1975 zegt: "Het is verboden
het verkeer te hinderen of onveilig te maken door voorwerpen,
zwerfvuil of stoffen op de openbare weg te werpen, te plaatsen, achter
te laten of te laten vallen, hetzij door er rook of stoom te verspreiden,
hetzij door er enige belemmering aan te brengen.
Dit is trouwens een zware overtreding van de eerste graad.
Conclusie: bromfiets niet op een fietspad parkeren.
4. Veiligheidsafstand.
(Tip
examen)
Als een motor of auto een fietser of tweewielige bromfietser inhaalt,
moet ten minste een zijdelingse afstand van 1 meter gelaten
worden tussen de motor of auto en de bestuurder van de fiets of van de tweewielige
bromfiets.
5. Parkeren.
Parkeren is verboden op plaatsen waar je voetgangers of
fietsers of bromfietsers hindert of op plaatsen waar zij
op de rijbaan moeten komen om omheen een hindernis te gaan
of te rijden.
Bij het parkeren op bermen, moet langs de buitenkant van de openbare weg
een vrije ruimte gelaten worden van 1,5 meter.
6. Suggestiestrook voor fietsers.
Op plaatsen waar de openbare
weg te smal is om echte fietspaden aan te leggen, worden in sommige gemeenten
suggestiestroken voor fietsers op de rijbaan geschilderd.
. Zij zijn een stuk van de rijbaan.
. Zij hebben geen enkele wettelijke betekenis.
. Zij verbieden en verplichten niets.
. Vaak veroorzaken deze stroken bij de zwakke weggebruikers
verwarring,
omdat zij zouden kunnen menen dat ze op een fietspad
rijden, wat helemaal
niet waar is. Ze rijden immers op de rijbaan.
BEPERKT EENRICHTINGSVERKEER (BEV)
1. Doel?
EENRICHTINGSSTRATEN benadelen de fietsers. Ze moeten immers omwegen maken en
hierdoor wordt hun traject langer of zijn ze verplicht drukke wegen te nemen waar
sneller gereden wordt. Sinds 1 juli 2004 werd daarom het beperkt eenrichtingsverkeer veralgemeend.
Op enkele uitzonderingen na zullen alle eenrichtingsstraten immers opengesteld
worden voor fietsers die tegen het andere verkeer in rijden.
2. Speciale signalisatie.
Om toegankelijk te zijn voor fietsers of bromfietsers klasse A moet een straat met BEV voorzien zijn
van speciale signalisatie.
Combinatie 1
Betekenis: Eenrichtingsverkeer voor alle bestuurders maar tweerichtingsverkeer
voor fietsers.
Combinatie 2
Betekenis: Eenrichtingsverkeer voor alle bestuurders maar tweerichtingsverkeer
voor fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse A.
ANIMATIE
Wil je deze animatie in het groot zien, klik dan hiernaast op het logo van derijprof.be.
Combinatie
1
Betekenis: Verplichte richting voor alle bestuurders, uitgezonderd voor
fietsers.
Combinatie 2
Betekenis: Verplichte richting voor alle bestuurders uitgezonderd voor fietsers
en bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse A.
Combinatie
1
Betekenis: Verboden richting voor iedere bestuurder, uitgezonderd fietsers.
Combinatie 2
Betekenis: Verboden richting voor iedere bestuurder, uitgezonderd voor fietsers
en bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse A.
3. Aanbevelingen:
a. Voor bestuurders:
Hou er bij het inrijden van een eenrichtingsstraat steeds rekening mee dat een fietser of bromfietser
klasse A
er zou kunnen uitkomen.
Hou op een kruispunt rekening met de signalisatie en de voorrangsregels.
In principe moet je, als je naar links afslaat, op een rijbaan met éénrichtingsverkeer,
zo dicht mogelijk bij de
linkerrand ervan blijven (art. 19.3.2°b). Houdt evenwel
voldoende afstand van de linkerrand van de rijbaan om
fietsers of tweewielige
bromfietsen die plots een éénrichtingsstraat in tegengestelde richting ingereden
komen,
veilig te kunnen kruisen langs rechts.
b. Voor de voetgangers:
Als je wil oversteken moet je eerst goed naar links en naar rechts kijken.
c. Voor fietsers en bromfietsers klasse A:
Respecteer de signalisatie en rij enkel in de tegenrichting waar dit toegestaan is.
Let op voor geparkeerde wagens die in een eenrichtingsstraat langs twee zijden kunnen staan.
Wees voorzichtig op elk kruispunt.
VERKEERSBORDEN IN VERBAND MET FIETSERS EN TWEEWIELIGE BROMFIETSERS
Verkeersbord
A 25
- Oversteekplaats voor fietsers of tweewielige bromfietsen OF plaats waar
bestuurders van het fietspad op de rijbaan komen.
Verkeersbord F 50
- Oversteekplaats voor fietsers of bestuurders van tweewielige bromfietsen.
Verkeersbord
C 11
Betekenis: verboden toegang voor bestuurders van rijwielen (twee-, drie-,
vierwielig).
Verkeersbord
C 9
Betekenis: verboden toegang voor bestuurders van bromfietsen (twee-, drie-,
vierwielig).
Betekenis:
- Dit nieuwe gebodsbord verplicht voetgangers en fietsers het deel van de
openbare weg te gebruiken dat voor hen is voorbehouden. (Bijvoorbeeld bij
werken die het trottoir in beslag nemen.)
- De plaatsen aangegeven door het verkeerbord D10 zijn verboden terrein
voor bromfietsen klasse A.
- De fietsers mogen de voetgangers die er zich bevinden niet in gevaar brengen.
Verkeersbord
F 99a
Betekenis: weg voorbehouden voor het verkeer van voetgangers, fietsers en
ruiters.
Verkeersbord
F 103
Betekenis: begin van een voetgangerszone.
Verkeersbord
F 50bis
Dit bord wijst bestuurders die van richting veranderen op fietsers, bestuurders
van tweewielige bromfietsen en voetgangers die dezelfde openbare weg volgen.
Een voertuig dat over een doorlopend fietspad rijdt, doet een manoeuvre
en moet voorrang geven aan de fietsers.
Verkeersbord
F 34b2
Wegwijzer: aanbevolen reisweg voor bepaalde fietsers.
Verkeersbord F 34b3
Wegwijzer: aanbevolen reisweg naar een toeristische bestemming.
Verkeersbord
B1 en B5 samen met onderbord.
Betekenis: Opgepast voor fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen
die in twee rijrichtingen op de dwarslopende weg rijden.
Betekenis: Weg voorbehouden voor het verkeer van voetgangers en fietsers
(met aanduiding van het deel dat bestemd is voor de soorten weggebruikers).
A:
Betekenis: Fietsers en bromfietsers moeten voorrang verlenen.
B:
Betekenis: Opgepast voor fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen
die in de twee rijrichtingen op de dwarslopende weg rijden.
A:
Betekenis: Fietsers en bromfietsers moeten stoppen en voorrang verlenen.
B:
Betekenis: Opgepast voor fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen
die in de twee rijrichtingen op de dwarslopende weg rijden.
PERSONEN DIE AANWIJZINGEN GEVEN (Tip examen: enkel lezen)
1.
Signaalgevers bij wielerwedstrijden en niet-gemotoriseerde
sportevenementen:
. Zij dragen zwart-geel-rood armbadje;
. Zij zorgen voor de veiligheid tijdens wieler-, wandel-,
loopwedstrijden.
. Zij geven aanwijzingen die bestuurders moeten opvolgen.
. Op kruispunten waar geen verkeerslichten staan kunnen zij het
verkeer
laten stoppen.
(Gerechtelijke uitspraak:)
"De taak van een signaalgever bij een wielerwedstrijd is zeer beperkt.
Hij dient het verkeer van de dwarsrichting op te houden opdat de wedstrijd
zijn normaal verloop zou kennen. De signaalgever is bevoegd tussen de tijd
dat de eerste volgauto nadert en de laatste, voorzien van het verkeersteken
A 51, voorbijrijdt.
Bij toepassing van art. 11 Wegverkeerswet kunnen alleen bevoegde personen,
die de kentekens van hun ambt dragen, het verkeer regelen;
Aanwijzingen van andere dan bevoegde personen zijn waardeloos;
Wie dergelijke bevelen of aanwijzingen opvolgt, doet dit exclusief voor
eigen rekening".
2.
Wegkapiteins
Weggebruikers moeten
de aanwijzingen opvolgen die gegeven worden door wegkapiteins om de veiligheid
te verzekeren van groepen fietsers of motorfietsers.
3.
Wielerwedstrijd.
Bij het naderen van een groep renners die aan een wielerwedstrijd
deelnemen, moet elke bestuurder onmiddellijk uitwijken en stoppen.
Daarenboven is het weggebruikers verboden door een groep deelnemers aan
een wielerwedstrijd of aan een niet-gemotoriseerde sportwedstrijd of -competitie
te breken.
Sinds 1/1/2004 is het ook verboden door te breken door een groep wielertoeristen.
Goed
om weten:
Hoe zit het wanneer fietsers in groep rijden?
Als je fietst in een groep met minimum 15 personen (vroeger werd dat wielertoerisme
in groep genoemd), regelt de wetgeving hoe dat in groep rijden moet gebeuren.
Mogelijkheid 1:
- De groep volgt dezelfde regels als de individuele fietser.
Mogelijkheid 2:
- De groep volgt de regels voor fietsers in groep.
- In dit geval heeft de groep een aantal extra mogelijkheden, maar ook
bepaalde verplichtingen.
. Ze moeten niet verplicht het fietspad gebruiken (maar het mag wel).
. Ze mogen maximaal met twee naast elkaar rijden, op voorwaarde dat ze
in groep blijven.
. Op een rijbaan zonder rijstroken mogen ze niet meer dan de breedte van
één rijstrook (3 meter) gebruiken en in totaal niet meer dan de helft
van die rijbaan in beslag nemen.
. Op een rijbaan met rijstroken mogen ze enkel op de rechter rijstrook
rijden.
Wegkapiteins en begeleidende auto's:
- Van 15 tot 50 fietsers:
. Ten minste 2 wegkapiteins mag (moet niet).
. Eén of twee begeleidende auto's zijn toegelaten (moet niet).
. Als er één begeleidend voertuig is, moet dit de groep volgen.
- Van 51 tot 150 fietsers:
. Ten minste twee wegkapiteins zijn verplicht.
. De wegkapiteins moeten minstens 21 jaar oud zijn.
. Om de linkerarm moeten zij een band dragen met de nationale driekleur
en het woord 'wegkapitein'.
. Zij kunnen op kruispunten zonder lichten het verkeer stilleggen (bord
C3).
. Twee begeleidende auto's zijn verplicht.
. Deze moeten de groep op ongeveer 30 meter voorafgaan of volgen.
. Ze moeten door middel van een speciaal bord goed zichtbaar zijn een
voor het tegemoetkomend of volgend verkeer.