Rijbewijs AM - Deel H: Varia

Les 29: Overige verkeersregels

Andere regels

Algemeen

Elke bestuurder moet in staat zijn te sturen, en de vereiste lichaamsgeschiktheid en de nodige kennis en rijvaardigheid bezitten.

Hij moet steeds in staat zijn alle nodige rijbewegingen uit voeren en voortdurend zijn voertuig goed in de hand hebben.

GSM

Behalve wanneer zijn voertuig stilstaat of geparkeerd is, mag de bestuurder geen gebruik maken van een draagbare telefoon die hij in de hand houdt.

Stuur vasthouden

Het is bestuurders van motorfietsen verboden te rijden zonder het stuur vast te houden.

Voeten op de pedalen

Het is bestuurders van motorfietsen of de passagier verboden te rijden zonder de voeten op de pedalen of op de voetsteunen te hebben.

Voorttrekken

Het is bestuurders van motorfietsen verboden te rijden door zich te laten voorttrekken of iemand voort te trekken.

Dier aan leizeel

Het is bestuurders van motorfietsen verboden te rijden terwijl zij een dier aan het leizeel houden.

Gevarendriehoek

Een bestuurder van een motorfiets moet geen gevarendriehoek bij zich hebben.


Wat als je het verkeersreglement niet naleeft

Wanneer je het verkeersreglement niet naleeft, dan is de kans groot dat je niet alleen jezelf maar ook anderen in gevaar zult brengen. Bovendien kunnen hier ook rechtstreekse strafrechtelijke gevolgen aan verbonden zijn.

De intrekking van het (voorlopig) rijbewijs

Een voorlopig rijbewijs kan onmiddellijk worden ingetrokken, voor een periode van 15 dagen (die tot tweemaal toe kan verlengd worden met 15 dagen) in geval van:


Ga terug naar de vorige pagina