Rijbewijs AM - Deel B: De bromfiets

Les 4: Het gebruik van de lichten

Het dimlicht en het rode achterlicht

Het dimlicht en het rode achterlicht van de tweewielige bromfietsen (klasse A of B) en van de motorfietsen moet altijd gebruikt worden (dus overdag en 's nachts).


De grootlichten

Deze mogen gebruikt worden:

Deze mogen niet gebruikt worden:


De richtingaanwijzers

Alvorens een manoeuvre of een beweging uit te voeren die een zijdelingse verplaatsing vereist of een wijziging van richting veroorzaakt, moet de bestuurder zijn voornemen tijdig genoeg kenbaar maken met de richtingsaanwijzers wanneer het voertuig daarvan voorzien is of, zoniet en indien mogelijk, door een teken met de arm.

Deze aanduiding moet ophouden zodra de zijdelingse verplaatsing of de wijziging van richting uitgevoerd is.

Wanneer het voertuig niet voorzien is van richtingaanwijzers moet de bestuurder zijn voornemen, indien mogelijk, kenbaar maken door een teken met de arm.


Ga terug naar de vorige pagina