Rijbewijs A/A1/A2 - Deel G: Op de weg

Les 24: Waar moet je rijden

Algemene regel voor voertuigen op de rijbaan

De algemene regel zegt dat bestuurders van voertuigen zo dicht mogelijk bij de rechterrand van de rijbaan moeten rijden.

Foto: de bestuurder van deze auto volgt duidelijk deze verkeersregel niet, want hij rijdt niet zo dicht mogelijk bij de rechterrand van de rijbaan.


Regels voor bestuurders van motorfietsen

Waar rijden op de rijbaan

Een bestuurder van een motorfiets mag op een rijbaan met tweerichtingsverkeer, die niet in rijstroken is verdeeld, op het volledige gedeelte voor het verkeer in zijn richting rijden.

Sommige bestuurders rijden met hun motorfiets uiterst rechts op de rijbaan (bijna zoals de bromfietsers). Dit is vaak heel gevaarlijk omdat ze zo veel te veel ruimte geven aan de automobilisten. Ze vragen als het ware om ingehaald te worden en sommige automobilisten schromen er zich niet om dat dan ook te doen, ook al zijn er tegenliggers.

Op een rijbaan met eenrichtingsverkeer, niet in rijstroken verdeeld, mag de bestuurder van een motorfiets over de ganse breedte van de rijbaan rijden.

Een onderbord M5 kan onder het bord F19 geplaatst worden. Je moet dan rekening houden met fietsers en bestuurders van bromfietsen die uit de tegenovergestelde richting kunnen komen.

De bestuurder van een motorfiets zich op een rijbaan die verdeeld is in rijstroken, over de ganse breedte van de rijstrook waarop hij rijdt, begeven.

Op een rijbaan verdeeld in rijstroken rijdt een bestuurder van een motorfiets best op twee derde van de rechterkant. Of anders gezegd: een beetje links van het midden van je rijvak of in het midden van de rijstrook die voor hem bestemd is.

Het is belangrijk dat:

  • je als motorrijder ervoor zorgt dat je zichtbaar blijft voor de andere bestuurders;
  • je eigen zicht zo optimaal mogelijk is.
  • je duidelijk je eigen plaats op de rijstrook opeist. Zo verplicht je de auto's om volledig naar links uit te wijken om je in te halen.

Het is belangrijk dat:

  • je als motorrijder ervoor zorgt dat je zichtbaar blijft voor de andere bestuurders;
  • je eigen zicht zo optimaal mogelijk is.

Rijd dus zeker niet te dicht achter een vrachtwagen.

Rijden in groep op een rijstrook

Wanneer bestuurders van motorfietsen met minstens twee (of meer) in groep rijden op een rijbaan met rijstroken, dan mogen zij niet naast elkaar rijden.

Wanneer bestuurders van motorfietsen met minstens twee (of meer) in groep rijden op een rijbaan met rijstroken, dan moeten zij niet achter elkaar rijden.

  • Zij mogen dan op dezelfde rijstrook in twee evenwijdige rijen geschrankt rijden (baksteenformatie).
  • Zij moeten onderling een voldoende veiligheidsafstand houden. Zo heb je voldoende ruimte wanneer je plots moet remmen of uitwijken.
  • De meest ervaren motorrijders rijden best achteraan.

De voorrijder rijdt altijd op 2/3 van de rechterkant van zijn rijstrook. De tweede op 1/3, de derde terug op 2/3, etc.

De voordelen van geschrankt rijden: meer en verdere kijk op het verkeer voor elke rijder, meer reactietijd, meer remafstand, meer uitwijkmogelijkheid, meer frisse lucht.

De voorrijder moet steeds op 2/3 van de rechterkant van het rijvak rijden omdat hij dan duidelijk zichtbaar is voor automobilisten die de groep inhalen.

Indien de voorrijder slechts op 1/3 zou rijden, dan is de kans heel groot dat een inhalende autobestuurder hem over het hoofd zou zien. Veel kans dat de chauffeur dan te snel terug rechts invoegt en tegen de voorrijder botst.

Bij het inhalen wordt van de voorrijder verwacht dat hij dit alleen doet als de andere groepsleden eveneens mee kunnen gaan.

Indien dit niet kan, stel dan het inhalen uit totdat er voldoende ruimte is. Als de groep héél erg groot is, dan is het trouwens beter van de groep op te splitsen.

Ook al rijd je in groep, hou het initiatief bij jezelf. Beslis zelf wanneer je oversteekt of inhaalt. Laat je niet (ver)leiden door de anderen.

De verleiding is immers heel groot om alleen maar het achterlicht van je voorganger in de gaten te houden en zelf geen beslissingen te nemen. Dit kan gevaarlijk zijn op kruispunten met en zonder verkeerslichten, bij inhaalbewegingen, bij het nemen van bochten, enz.

Rijden in groep op een rijbaan die niet verdeeld is in rijstroken

Als bestuurders van motorfietsen in groep (minstens twee of meer) op een rijbaan rijden die niet in rijstroken verdeeld is, dan mogen ze niet meer dan de helft van de rijbaan gebruiken.

Als veilig kruisen moeilijk is, dan mogen de motorfietsen achter elkaar rijden.

Wegkapiteins

Groepen met meer dan 50 deelnemers.

  • Deze groep moet vergezeld zijn door ten minste twee wegkapiteins.
  • Een wegkapitein:
    • moet ten minste 25 jaar oud zijn;
    • moet een retro-reflecterende vest dragen;
    • op de vest moet in zwarte letters het woord WEGKAPITEIN staan.

Op kruispunten waar geen verkeerslichten staan, mag een wegkapitein, door een verkeersbord C3 op een stokje omhoog te steken, het verkeer in de dwarswegen stilleggen terwijl de groep het kruispunt oversteekt.


Wat is verboden


Rijden op kasseien

Kasseien zijn bij de motards niet populair. Ze zijn vaak spekglad en je wordt door elkaar gerammeld. En meestal zie je ze pas liggen als het al te laat is.

Zelfs op een mooie vlakke droge kasseiweg is er minder grip. Rij daarom zo vloeiend mogelijke lijnen, accelereer en vertraag zo soepel mogelijk. Stuur voorzichtig. Overdenk je handelingen.

Rij bij droog weer bij voorkeur in de sporen. Die zijn hol en daardoor is niet alleen het contactvlak van je banden met het wegdek groter en heb je dus meer grip, maar het is ook een veel stabielere positie waardoor je wielen minder snel gaan schuiven.

Zeker bij nat weer is de voorkeurspositie midden op de kasseiweg van boven op de bolle kant. Die plaats is meestal proper omdat het vuil er af gespoeld wordt. Nadeel is wel dat je daar minder grip hebt wegens een kleiner contactvlak.

De schuine kanten zijn helemaal af te raden. Hier rij je zo weinig mogelijk op. Er is voortdurend het risico dat je weg gaat glijden.


Meerdere rijbanen

Als een openbare weg uit twee of meer rijbanen bestaat die duidelijk van elkaar gescheiden zijn door een effen grond, een niet voor voertuigen toegankelijke ruimte of een verschil in niveau, dan mogen bestuurders de van hun rijrichting links gelegen rijbaan niet volgen (behoudens plaatselijke reglementering).


Stilstaand verkeer of traagrijdende file

Info Vanaf 1 september 2011.

Wanneer er stilstaand verkeer is of een traagrijdende file, dan mogen motorrijders tussen de rijstroken rijden.

Dit wordt niet meer als inhalen beschouwd maar als voorbijrijden.

Het snelheidsverschil tussen de motorfietser en de andere voertuigen in de file mag niet hoger zijn dan 20 km/uur.

Rijden de auto's bijvoorbeeld 25 km/uur, dan mag de motorfietser tijdens het voorbijrijden maximaal 45 km/uur rijden.

De motorfietser mag ook niet sneller dan 50 km/uur rijden.

Op autowegen en autosnelwegen moet de motorfietser tussen de twee meest links gelegen rijstroken rijden.


Rijstrook voor bussen en bijzonder overrijdbare bedding

Op de laatste meters van een busstrook mag een bestuurder van een motorfiets rijden als hij aan het eerstvolgende kruispunt wil afslaan.

Motorfietsen mogen over busstroken rijden, op voorwaarde dat bovenstaand symbool op de borden F17 of F18 voorkomt of op een onderbord. Het symbool mag ook op de rijstrook herhaald worden.



Ga terug naar de vorige pagina